Oude Aaltenseweg

Jaar: 21-12-1996Collectie: Eduard.M.Smit
Grote foto voor donateursVoor minimaal €20 per jaar kunt u donateur worden en grote foto’s bekijken.
Word donateur en bekijk grote foto’s
Informatie over deze foto / video
Collectie
Eduard.M.Smit
Jaar
21-12-1996
Trefwoorden
oude aaltenseweg,strofabriek,fabriekje,stroprodukten,dokken,wijnfleshouders, klein gunnenwiek,afgebroken

Trefwoord voorstellen

Ziet u iets op deze foto dat nog niet bij de trefwoorden staat? Geef één trefwoord of naam door. Na controle voegen wij het eventueel toe.

6 gedachten over “Oude Aaltenseweg”

  1. Is dit dan de strohulzenfabriek De Eekhof van H.J.Dievelaar, waarover naar aanleiding van zijn overlijden op 1 maart 1916 een stuk in het Utrechtsch Nieuwsblad verscheen? Een paar fragmenten:

    Door zijn huwelijk geraakte hij in het bezit van eenig kapitaal, circa 2 ton ! bovendien namen eenige andere kapitalisten deel in zijn onderneming; zoo werd een fabriek, De Eekhof, te Groenlo gebouwd, alsmede te Buitenpost. Hij gaf werk aan 500 menschen in een nieuwe nijverheid, ongeveer in de jaren 1880-1888. (…)
    Later voerde Dievelaar uit Frankrijk nieuwe machines in voor de stroohulzen-fabricage, doch het liep hem door verschillende omstandigheden tegen. Dievelaar moest liquideren en zijn geheele bedrijf in fabrieken en gevangenissen stop zetten. Steeds heeft dit échec aan zijn energie en leven geknaagd, doch hij blijft de man, die deze industrie in Nederland heeft ingevoerd, en nog vindt men de geëmailleerde borden aan oude stations in België met opschrift: H.J. Dievelaar, Fabrique de Paillons, Groenlo (Hollande).

    Beantwoorden
  2. Hendricus Johannes Dievelaar kwam op 12 juni 1885 met zijn vrouw en zoon vanuit Groningen naar Groenlo (Schependom B106). Zijn beroep was toen wijnhandelaar. Op 23 december 1886 vertrok hij naar Zwolle. Op 6 december 1889 was hij weer terug, nu als fabrikant. Op 7 september 1892 verhuisde hij naar Amsterdam.

    Zakelijk liep niet altijd alles naar wens. Ook de overname van hotel De Gouden Klomp in Enschede liep niet goed af.
    Johan Hemken schrijft in het blad “n Sliepsteen” van herfst 2005 over dit hotel:

    In mei 1901 verkochten Frankenhuis en Zeggelink het complete pand weer, nu aan de uit Amsterdam komende en op 5 augustus 1836 te Groenlo geboren Henricus Johannes Dievelaar en zijn twintig jaar jongere echtgenote Johanna Geertruida Foest.
    Deze lieten het hotel in z’n geheel restaureren en aanpassen aan de toen geldende eisen, waaronder koude en warme baden, uitpakkamers en natuurlijk… elektrisch licht! (…)Doordat Dievelaar echter niet betaalde, ging het pand gedwongen onder de hamer. Onder toezicht van notaris Peteri vond op 12 december 1901 een openbare veiling plaats.

    Beantwoorden
  3. Hallo Dirk, het gebied waar de strofabriek stond heet de Eekhof. Eek is eikenschors. Eek of bark (Barkenkamp)is de gedroogde bast van de eik, na toevoegen van water wordt het run genoemd. Run werd vroeger gebruikt voor het looien van huiden.

    Al vanaf de middeleeuwen werd hiervoor speciaal eikenhakhout geteeld, dat om de 10 tot 12 jaar in mei en juni als de sapstroom het sterkst was gekapt werd. De schors werd vaak door kinderen eerst van de stammen losgeklopt en vervolgens afgeschild. Deze wijze van eekproductie hield in de Lage Landen tot het begin van de twintigste eeuw stand.

    De bast werd gedroogd in eekschuren om vervolgens vermalen te worden in eek- of runmolens. Met water aangelengd was het materiaal geschikt voor de leerlooierij.

    Beantwoorden

Plaats een reactie