Jaar: ±1938Collectie: Eduard.M.Smitt
Grote foto voor donateursVoor minimaal €20 per jaar kunt u donateur worden en grote foto’s bekijken.
Word donateur en bekijk grote foto’sInformatie over deze foto / video
- Fotocredit
- Collectie : Eduard.M.Smit
- Collectie
- Eduard.M.Smitt
- Jaar
- ±1938
- Trefwoorden
- markt,±1938,mattelierstraat.
Trefwoord voorstellen
Ziet u iets op deze foto dat nog niet bij de trefwoorden staat? Geef één trefwoord of naam door. Na controle voegen wij het eventueel toe.
Auteursrecht
Deze foto mag niet zonder toestemming van de rechthebbende worden gebruikt, gepubliceerd of verspreid.
Mooi dat huis van Arink, heb goede herinneringen aan het laatste SIBBERS uitstapje onder leiding van Erik en Roy.
Hier woonde dus in de negentiende eeuw huidenhandelaar Mogendorff en hingen de mezozzes aan de deurposten.
De familie Mogendorff woonde, denk ik, pas in de 20e eeuw in het “Arink-pand”. In het grootste deel van de 19e eeuw woonde hier de winkeliersfamilie Struy.
Na 1857 woonde hier Frederik Petrus Stottelaar (1801-1885), wethouder en logementhouder van “De Moriaan”. Een zeer vermogend man: zijn vermogen bedroeg ten tijde van zijn overlijden f 41518,87½ (daar stonden “slechts” schulden van bijna 5000 gulden tegenover). Zijn weduwe overleed in 1896.
De volgende bewoners hebben ook hun stempel gedrukt op Groenlo: in dit huis aan de Mattelierstraat woonden namelijk sinds 1896 Theo de Groen en zijn vrouw Adriana Luijben. Theo was afkomstig uit Utrecht en had net brouwerij De Klok overgenomen.
Hun oudste zoon Theo (1895-1972) was nog in Utrecht geboren. Maar hier in de Mattelierstraat werden geboren Cobus (1897-1970), Andries ((1898-1945) en Piet (1899-1984).
Daarna verhuisde het gezin naar de Nieuwestraat. In 1906 overleed Adriana, nog maar 44 jaar oud. De nieuwe directeurswoning aan de Eibergseweg is naar haar Villa Adriana genoemd.
Het huis tussen “Arink” en het stadhuis werd in de 19e eeuw bewoond door Salomon Heijmans, koopman, en zijn vrouw Judith Menko. In 1847 werd het huis vrijwel geheel door brand verwoest, een zoon van bijna 14 jaar kwam om het leven.
In 1898 was het pand van Arink Mattelierstraat A278, op dat adres woonde Theo de Groen. Het huis direct ernaast was dus A279, het stadhuis was A280. Om de hoek woonde Willibrordus Kaak op nummer A281 (de huidige publieksingang van het stadhuis). En daarnaast woonde toen koopman Hertog Mogendorff met zijn vrouw Mietjen Frankenhuis, adres: Kevelderstraat A282.
Hertog Mogendorff overleed in 1905. Zijn beroep was toen “huidenzouter”. Zijn vader was Jesaia Mogendorff. In 1895 gingen de kooplieden I. Mogendorff en zoon tevergeefs bij de Raad van State in beroep tegen het besluit van B&W van Groenlo waarbij hun een vergunning werd geweigerd “tot oprichting van eene bewaarplaats van lompen en beenderen”. Vader Jesaia woonde aan de Ganzenmarkt (in de buurt van slager Hartog Israel Philips die in 1897 aangifte deed van zijn overlijden). Je vraagt je af waar ze toen die lompen en beenderen wilden opslaan. Het zal wel niet achter het stadhuis geweest zijn. Zat de firma later in de buurt van de Spoorstraat?